Begeleiding in het gewone onderwijs
Kinderen met een visuele beperking die naar een gewone school kunnen, krijgen daar in de regel GON-begeleiding. Thuisbegeleiders zijn vanuit hun kernopdracht vaak betrokken bij de keuze van de school, het opstarten van GON-begeleiding en de verdere opvolging van kinderen die naar de basisschool gaan en voor wie de GON-begeleiding de eerst aangewezen vorm van ondersteuning is.
De gewone GON-ondersteuning is niet altijd voldoende voor brailleleerlingen. Voor deze kinderen worden dan extra inspanningen gevraagd, ook van thuisbegeleiders. De wettelijk voorziene GON-ondersteuning is zeker onvoldoende als het gaat om kinderen met extra zorgvragen zoals in inclusieprojecten voor kinderen met meervoudige beperkingen. Dan moeten de school en de ouders zelf op zoek gaan naar bijkomende ondersteuning. De thuisbegeleiders nemen daarin ook hun verantwoordelijkheid op: ze helpen bij het opstellen van het handelingsplan, werken mee voor het beoordelen van de ontwikkeling, bespreken mee de evolutie enzovoort.
